Criminaliteit en detentie
Cijfers tonen een duidelijke samenhang tussen mannelijkheid en criminaliteit. Jongens en mannen zijn oververtegenwoordigd als plegers van criminele feiten en 90 tot 95 procent van de gevangenisbevolking bestaat uit mannen, zowel in België als wereldwijd.
Er zijn genderverschillen in het soort feiten dat wordt gepleegd, in hoe mensen in de criminaliteit belanden en in hoe politie en justitie optreden. Terwijl bepaalde vormen van criminaliteit vaker worden gedoogd of minder streng vervolgd op basis van klasse of afkomst (bv. witteboordencriminaliteit), ervaren andere mannen net meer controle. Zo krijgen mannen van kleur vaker te maken met etnische profilering (onterechte controle of arrestatie) en politiegeweld.
Het grote verschil in de criminaliteitscijfers tussen mannen en vrouwen is niet eenvoudig te verklaren, maar de manier waarop mannelijkheid wordt vormgegeven speelt een rol. Jongens leren vaak dat kwetsbaarheid tonen “onmannelijk” is. Emoties als verdriet of angst worden daardoor vaker onderdrukt, terwijl kwaadheid sociaal meer wordt toegestaan. Dat kan ertoe bijdragen dat frustratie of machteloosheid sneller via agressie wordt geuit. Geweldsdelicten kunnen samenhangen met de beperkte emotionele expressiemogelijkheden die jongens en mannen soms ervaren.
Daarnaast wordt mannelijkheid vaak gekoppeld aan dominantie, durf, fysieke kracht, (financiële) onafhankelijkheid en controle. Veel mannen ervaren daardoor de druk om zich te bewijzen als “echte mannen”: stoer, competitief en niet bang voor risico’s. Geweld en criminaliteit kunnen voor sommige mannen een manier zijn om hun mannelijkheid te tonen. Geweld tegen vrouwen hangt daarbij vaak samen met seksisme, dominantie en machtsverhoudingen.
Wanneer conventionele routes naar maatschappelijke erkenning of financiële zekerheid – zoals onderwijs of stabiel werk – moeilijk toegankelijk zijn, kan criminaliteit voor sommige mannen een alternatieve weg naar inkomen, status en respect vormen. Illegale of criminele activiteiten kunnen dan een symbolische functie hebben: ze bieden een manier om durf, macht, onaantastbaarheid of financiële onafhankelijkheid te tonen. In bepaalde contexten kan reputatie zelfs afhangen van de bereidheid om risico’s te nemen of geweld te gebruiken.
Binnen de gevangenis worden deze mannelijkheidsnormen vaak nog meer versterkt. Het leven in de gevangenis wordt sterk bepaald door hiërarchie en machtsverhoudingen. Gedetineerden ervaren vaak de druk om “hard” te zijn: geen kwetsbaarheid tonen, niemand verraden en geen hulp vragen. Voor veel mannen is het aannemen van een extreem, uitvergrote mannelijkheid een copingstrategie en manier van overleven.
Hoewel gevangenissen in principe bedoeld zijn om te straffen en criminaliteit te voorkomen, kan een cultuur waarin hypermannelijkheid centraal staat net het tegenovergestelde effect hebben. Door destructieve vormen van mannelijkheid te versterken, blijven onderliggende problemen bestaan of worden ze zelfs versterkt.
Het is daarom belangrijk te benadrukken dat mannelijkheid op zich geen oorzaak is van criminaliteit. Het gaat om specifieke verwachtingen en sociale normen rond mannelijkheid die, in combinatie met structurele factoren zoals armoede, marginalisering en ongelijke kansen, bepaald gedrag waarschijnlijker kunnen maken. De oververtegenwoordiging van mannen in criminaliteitscijfers weerspiegelt dus niet alleen individuele keuzes, maar ook bredere maatschappelijke structuren en gendernormen die bepalen wat als “mannelijk” wordt gezien en hoe daarop wordt gereageerd binnen het strafrechtsysteem.
Gerelateerde thema’s
Literatuur
Tools en talks